Definitief: truckfabrikanten krijgen meer lucht in CO2-doelstellingen
In dit artikel:
De Raad van de EU heeft op 30 maart 2026 definitief een gerichte wijziging goedgekeurd in de regels voor CO2-uitstoot van zware bedrijfsvoertuigen. Fabrikanten van vrachtwagens krijgen daarmee tijdelijk meer speelruimte bij de berekening van emissiecredits: tussen 2025 en 2029 mogen ze credits opbouwen wanneer hun uitstoot onder hun eigen jaardoel ligt, niet strikt ten opzichte van een lineaire afbouwlijn. Die opgespaarde credits kunnen na 2030 worden gebruikt om aan de voorschriften te voldoen.
De wijziging geldt voor trucks boven 16 ton en bepaalde bussen boven 7,5 ton (stadsbussen uitgezonderd). Op papier blijven de lange termijndoelen ongewijzigd: 15% reductie in 2025, 43% in 2030 en 90% in 2040, waarna het streven blijft richting emissievrij vervoer. De achterliggende reden is praktisch: de sector kampt met structurele knelpunten, vooral het trage tempo van laadinfrastructuur langs snelwegen en de hoge kosten en inzetbaarheid van zero-emissievoertuigen.
Lidstaten reageren verdeeld: Frankrijk vreest dat het beleid het signaal voor elektrificatie verzwakt, terwijl sommige Oost-Europese landen juist voor meer versoepeling pleitten. De aangepaste regels treden in werking 20 dagen na publicatie; een bredere herziening van de regelgeving staat gepland voor 2027. Kortom: Brussel kiest nu voor tijdelijke flexibiliteit om de transitie uitvoerbaar te houden, zonder de ambitieuze CO2-doelstellingen op lange termijn los te laten.